Muy, Mucho, Mucho/a/s

🔹 1. MUY

✅ Betekenis: heel, zeer

  • Functie: bijwoord van graad.
  • Gebruik: vóór een bijvoeglijk naamwoord of een bijwoord.
  • Altijd onveranderlijk → nooit muya of muys.

👉 Voorbeelden:

  • Ella está muy contenta. → Zij is heel blij.
  • El examen es muy difícil. → Het examen is heel moeilijk.
  • Habla muy rápido. → Hij/zij spreekt heel snel.

❌ Fout: Tengo muy amigos.
✅ Correct: Tengo muchos amigos.


🔹 2. MUCHO (bijwoord)

✅ Betekenis: veel, vaak, erg

  • Functie: bijwoord van hoeveelheid.
  • Gebruik: na of bij een werkwoord.
  • Altijd onveranderlijk.

👉 Voorbeelden:

  • Trabajo mucho. → Ik werk veel.
  • Llueve mucho en invierno. → Het regent veel in de winter.
  • Me gusta mucho leer español. → Ik vind het erg leuk Spaans te leren.

❌ Fout: Trabajo muchos.
✅ Correct: Trabajo mucho.


🔹 3. MUCHO / MUCHA / MUCHOS / MUCHAS (adjectief)

✅ Betekenis: veel

  • Functie: bijvoeglijk naamwoord.
  • Gebruik: vóór een zelfstandig naamwoord.
  • Past zich aan in geslacht en getal (mannelijk/vrouwelijk, enkelvoud/meervoud).

👉 Voorbeelden:

  • Tengo mucho dinero. → Ik heb veel geld. (mannelijk, enkelvoud)
  • Hay mucha gente. → Er zijn veel mensen. (vrouwelijk, enkelvoud)
  • Tenemos muchos amigos. → Wij hebben veel vrienden. (mannelijk, meervoud)
  • Compré muchas casas. → Ik kocht veel huizen. (vrouwelijk, meervoud)

❌ Fout: Ella tiene muy amigos.
✅ Correct: Ella tiene muchos amigos.


🔹 4. Vergelijking en valkuilen

SpaansCorrect gebruikNederlands❌ Veelgemaakte fout
muybijv. muy bonitoheel mooimucho bonito
mucho (bijw.)trabaja muchowerkt veeltrabaja muy
mucho/mucha (adj.)mucho dineroveel geldmuy dinero
muchos/muchas (adj.)muchos amigosveel vriendenmuy amigos

🔹 5. Ezelsbruggetje 🐘

  • Denk:
    • MUY = heel (intensiteit → hoe?)
    • MUCHO (bijw.) = veel (frequentie/hoeveelheid bij werkwoorden)
    • MUCHO/A/S (adj.) = veel (bij zelfstandige naamwoorden → hoeveel?)